De melk wordt op de platen geënt. De platen die ingezet worden, zijn een bloedplaat (voor een algemeen beeld) en een tkt-plaat (hierop groeien alleen streptococcen).
In geval van subklinische mastitis wordt eerst van elk kwartier het celgetal bepaald. Is het celgetal in een kwartier hoger dan 150.000, dan worden de platen (bloedplaat en tkt-plaat) geënt.