| Fertiliteit |
|
Het drachtig krijgen van de merrie wordt vaak als een vanzelfsprekend iets gezien, maar er spelen veel factoren mee die het drachtig worden beinvloeden. Zo kan men kiezen tussen `natuurlijke dekking` of kunstmatige inseminatie (K.I.). De voordelen van K.I. zijn vaak groter dan die van natuurlijke dekking. Zo kan men d.m.v. K.I. geen ziektes overbrengen van de hengst op de merrie en kan trauma ontstaan door natuurlijke dekking worden voorkomen. K.I. is echter niet bij alle rassen toegestaan. Bij K.I. kan men de keuze maken tussen vers of diepvriessperma.
Bij vers sperma wordt de merrie geinsemineerd op de 2 e of 3 e dag van de hengstigheid. Deze inseminatie wordt om de 48 uur herhaald totdat de eisprong bij de merrie heeft plaatsgevonden. Bij diepvries sperma wordt met insemineren gewacht tot dat de eisprong heeft plaatsgevonden. De inseminatie moet binnen de 6 uur na de eisprong plaatsvinden. Een intensieve opvolging van de merrie bij diepvries K.I. is dus vereist.
Men wil vaak een merrie na het veulenen snel weer drachtig krijgen, omdat men de wens heeft een `vroeg` veulen te willen hebben. Men kan dan al gaan insemineren in de veulenhengstigheid.. Deze veulenhengstigheid treedt gemiddeld 9 dagen na het veulenen op. Tijdens de veulenhengstigheid zijn de resultaten van inseminatie met vers sperma vaak beter dan met diepvriessperma.
|

Voortplanting paard
Wanneer de merrie drachtig is kan men dat al vaststellen d.m.v echografie op 14 dagen na de eisprong. Men kan ook wachten met de echo tot 18 dagen na de eisprong. Het voordeel hiervan is dat als de merrie niet drachtig is de dierenarts meteen kan vaststellen of de merrie al goed hengstig is voor een volgende inseminatie. Een definitieve drachtigheidsdiagnose wordt tussen de 35 en 60 dagen na de dekking gesteld.